Burgerschap en Ontwikkelingssamenwerking
Onderwijs in SBOS
Onderwijsinstelligen mogen aanvragen doen en onderwijs is een van de mogelijke beleidsthema's. Belangrijk is wel dat doelstellingen meetbaar zijn. Het mag echter ook om indirecte effecten van ontwikkelingssamenwerking gaan.
Categorie 1: Aanvragen gericht op het bevorderen van activiteiten in de Nederlandse samenleving gericht op de bevordering van meningsvorming over, bewustwording van en actieve betrokkenheid bij internationale samenwerking. Dit kunnen zowel projecten (categorie 1a) als meerjarige programma’s (categorie 1b) zijn.
Categorie 2: Dergelijke aanvragen met als onderdeel van de aanvraag een kleinschalig project in een ontwikkelingsland.
Categorie 3: Dergelijke aanvragen gericht op Nederlandse jongeren tussen 14 en 25 jaar met als onderdeel een stage/uitwisselingscomponent in een ontwikkelingsland (programma’s).
Doelstellingen van SBOS
De doelstelling van SBOS is het stimuleren en bevorderen van burgerschap in relatie tot internationale samenwerking in Nederland (mondiaal burgerschap).
Met de lancering van SBOS is een nieuwe weg ingeslagen ten opzichte van de traditionele draagvlakversterkende activiteiten naar het creëren van mondiaal burgerschap. De kern hiervan is dat burgers zich bewust moeten zijn van wat er in de wereld gebeurt en dat de keuzes die zij maken van invloed zijn op de ontwikkelingsproblematiek. Door het bewustzijn te vergroten kunnen Nederlanders een houding (positief of negatief) aannemen ten opzichte van internationale samenwerking en hun handelen daarop aanpassen. Dit kan uiteenlopen van concrete steun in de vorm van giften en het zich actief inzetten als vrijwilliger tot gedrag als producent, consument of burger.
Vanuit SBOS worden subsidies verstrekt voor activiteiten in de Nederlandse samenleving gericht op het bevorderen van zichtbare en actieve betrokkenheid bij en op bewustwording en meningsvorming over internationale samenwerking. Aanvragen die als onderdeel een stage- of uitwisselingscomponent of een ontwikkelingsproject in een ontwikkelingsland hebben, kunnen ook worden gehonoreerd.
De te subsidiëren activiteiten moeten een concreet doel en helder gedefinieerde doelgroep(en) hebben, een concreet handelingsperspectief bevatten en gericht zijn op het creëren van gedragseffecten. Voorrang wordt gegeven aan activiteiten die aansluiten bij nieuwe doelgroepen, zoals jongeren.
Verder dienen de activiteiten evalueerbaar te zijn op resultaten. Van belang is daarom dat een indiener kan uitleggen welke gedragsverandering hij beoogt bij de doelgroep waarop de activiteit is gericht en aan de hand van welke indicatoren hij op welk moment vast gaat stellen in hoeverre dat is gelukt.
De uitgebreide omschrijving van de doelstellingen van SBOS is neergelegd in de Subsidieregeling SBOS.
Doelgroep
Aanvragen kunnen worden ingediend door Nederlandse organisaties met een rechtspersoonlijkheid naar Nederlands recht. Natuurlijke personen, individuen en informele groepen, van bijvoorbeeld jongeren, kunnen geen subsidie aanvragen. Potentiële aanvragers zijn dus organisaties met bij voorkeur jongeren in hun achterban voor wie geldt dat zij nog niet of nauwelijks met ontwikkelingssamenwerking in aanraking zijn geweest.
Verder wordt prioriteit gegeven aan organisaties die een aanvraag indienen in een samenwerkingsverband dat vernieuwend is en waarbij wordt samengewerkt met niet-traditionele partners (zoals bedrijfsleven, branche-organisaties, jongerenorganisaties, migrantenorganisaties).
In de aanvraag dient de doelgroep van het project/programma te worden omschreven. Een project kan gericht zijn op alle inwoners van Nederland. Wel zijn ‘jongeren’, in de leeftijd van 12 tot 25 jaar en doelgroepen die niet traditioneel bij ontwikkelingssamenwerking zijn betrokken prioritaire doelgroepen.
Categorien van aanvragen
Aanvragen die voor subsidie uit SBOS in aanmerking komen zijn onder te verdelen in verschillende categorieën. Ten eerste wordt een onderscheid gemaakt tussen programma’s en projecten. Een project is een samenhangend en in tijd en middelen begrensd geheel van activiteiten gericht op het bereiken van een vooraf omschreven resultaat, met een looptijd van niet langer dan een jaar. Een programma is een samenhangend geheel van projecten gericht op het bereiken van een vooraf omschreven resultaat. Programma’s zijn meerjarig en hebben een looptijd van maximaal 4 jaar.
Voor programma’s kan een aanvraag worden ingediend in categorie 1b of categorie 3. Voor projecten kan een aanvraag worden ingediend in categorie 1a en 2. Voor deze verschillende categorieën bestaan verschillende voorwaarden.
Activiteiten die niet in aanmerking komen voor subsidie
Activiteiten die niet voor subsidie in aanmerking komen zijn individuele stage- en uitwisselingsprojecten, activiteiten gericht op fondsenwerving en reguliere exploitatiekosten van de aanvrager. Subsidie kan alleen worden aangevraagd voor een afgebakend project of programma.
Daarnaast dienen aanvragen geen initiatieven te bevatten die mede gericht zijn op godsdienstige bekering en mag een aanvraag niet primair gericht zijn op studie of wetenschappelijk of beleidsinhoudelijk onderzoek. Ook mag de aanvraag niet gericht zijn op een omroepprogramma.
In de Subsidieregeling SBOS kan meer informatie worden gevonden over de drempelcriteria en beoordelingscriteria waar een project aan moet voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie.
Categorie 1
Binnen categorie 1 kunnen aanvragen worden ingediend voor projecten met een looptijd van maximaal 1 jaar (categorie 1a) en voor programma’s met een looptijd van meer dan 1 jaar (categorie 1b). Aanvragen dienen gericht te zijn op het bevorderen van zichtbare en actieve betrokkenheid bij en bewustwording en meningsvorming over internationale samenwerking in de Nederlandse samenleving.
Voor categorie 1a bedraagt de minimale aanvraag € 15.000. Binnen categorie 1b moeten aanvragen een omvang hebben tussen € 50.000 en € 500.000 per jaar.
Categorie 2
Binnen categorie 2 kunnen aanvragen worden ingediend voor projecten met een looptijd van maximaal 1 jaar. De aanvragen dienen gericht te zijn op het bevorderen van zichtbare en actieve betrokkenheid bij en bewustwording en meningsvorming over internationale samenwerking in de Nederlandse samenleving.
Aanvragen binnen categorie 2 dienen een ontwikkelingsproject in een ontwikkelingsland te bevatten. De minimale aanvraag voor deze projecten bedraagt € 15.000.
Categorie 3
Binnen categorie 3 kunnen aanvragen worden ingediend voor programma’s met een looptijd van meer dan 1 jaar. De aanvragen dienen gericht te zijn op het bevorderen van zichtbare en actieve betrokkenheid bij en bewustwording en meningsvorming over internationale samenwerking in de Nederlandse samenleving.
Aanvragen binnen categorie 3 dienen een stage/uitwisselingscomponent in een ontwikkelingsland voor jongeren tussen 14 en 25 jaar te bevatten. De omvang van de aanvraag bedraagt tussen € 100.000 en € 3.500.000 per jaar.
Comenius - Schoolpartnerschappen
Elke goedgekeurde school ontvangt een lumpsum financiering voor deelname aan het partnerschap.
Voor een schoolpartnerschap heb je partnerscholen nodig. Die kun je vinden door op internet te zoeken, viaeTwinning, of door bijvoorbeeld deel te nemen aan een contactseminar in een ander land. Een Comenius Voorbereidend Bezoek is aan te bevelen om de samenwerking tot in de puntjes voor te bereiden.
Beginnende scholen kunnen deelnemen aan een Regionale Informatiebijeenkomst van het Europees Platform, waar workshops over Comenius - Schoolpartnerschappen en eTwinning worden gegeven.
Bekijk het overzicht van alle deelnemende scholen in Europa op: www.comeniusmaps.eu
Mediamachtig
Cultuureducatie plus
Voor elk van de drie in het vorige lid genoemde activiteiten geldt dat deze ook voor subsidie in aanmerking komen wanneer het project waarvoor subsidie wordt aangevraagd zich (gedeeltelijk) richt op internationale samenwerking of uitwisseling; mits het project een bijdrage levert aan de ontwikkeling van amateurkunst, cultuureducatie en volkscultuur in Nederland.
Subsidie bevordering inburgering
Kenmerken van de regeling * De regeling is gericht op het bevorderen van inburgeren gecombineerd met werkgerelateerde activiteiten of met taalonderwijs in combinatie een MBO-opleiding niveau 1 of 2, * De aanvragen kunnen tot en met 31 oktober 2010 worden ingediend, * Op de aanvragen wordt beslist in volgorde van ontvangst van volledige aanvragen, * Alleen medewerkers en/of ZZP-ers die in 2010 een duale inburgeringsvoorziening met werk of taalkennisvoorziening krijgen aangeboden, mogen door de werkgever worden opgegeven, * Er is geen sprake van een financiële (eind)verantwoording, het betreft een lumpsum regeling waarbij het volledig verleende bedrag na subsidieverlening direct wordt uitbetaald. * 1000 per werknemer met een voorziening, max. 25.000 per aanvrager.
Regeling prestatiebox primair onderwijs
Lees meer(Cito) eindtoetsleidt door externe druk tot perversiteit
Lees meerBasisschool krijgt eindtoets rekenen en taal
Lees meerTweederde scholen schrijft rood
Lees meerOordeel inspectie geen factor bij schoolkeuze
Lees meerStille bezuinigingen tasten onderwijs aan
Lees meerRelatie tussen Wetenschap en techniek en opbrengstgericht werken heel divers op basisscholen
Lees meerRotterdamse basisscholen mogen Pabo overnemen
Lees meerInspectie nieuwe stijl is ingegaan
Lees meerwaarom kunsteducatie broodnodig is voor het kinderbrein
Lees meerNieuw: boek vormtekenen van Peter Giesen
Lees meer